Vraag in verband met de mobiliteitsproblemen in de wijk Turkije (gemeenteraad juli 2018)

Vraag gesteld in de gemeenteraad van 5 juli 2018

In de gemeenteraad van 22 februari 2018 kaartte ik reeds de mobiliteitsproblemen in de wijk ‘Turkije’ aan, meer bepaald de hoge parkeerdruk in de omliggende straten en de verkeersleefbaarheid. De schepen antwoordde op mijn eerste vraag inzake de parkeerdruk dat er een nieuw overleg zou volgen met De Zande om de verkeersafwikkeling in zijn totaliteit te bespreken. Wat is de uitkomst van dit overleg? De schepen antwoordde op mijn tweede vraag dat er op korte termijn zou worden samengezeten met de dienst mobiliteit en de politie om na te gaan wat het effectieve probleem is, alsook de mogelijkheden te bekijken die een antwoord bieden op dat probleem. Is dat ondertussen gebeurd, en zo ja, wat is de uitkomst hiervan?

Schepen Jos Sypré antwoordt dat er een aanvraag van de gemeenschapsinstelling De Zande naar “Brussel” lopende is om financiering te krijgen voor de aanleg van een parking van 30 wagens in de tuin van De Zande, en dit ter hoogte van het vroegere tandartsgebouw dicht bij de Kanunnik Davidstraat.
De parking zou door de medewerkers, maar ook door particulieren kunnen gebruikt worden. In afwachting van de nieuwe parking zal de directie van De Zande haar personeel er blijven aan herinneren om langs de Stationsstraat te parkeren. Concreet overleg met de politie is er nog niet geweest, al heeft de burgemeester tijdens z’n wekelijks overleg met de politiecommissaris het parkeerprobleem al aangekaart. In een eerste fase wordt wel reeds nagegaan hoe het parkeren in de Kanunnik Davidstraat kan verbeterd worden.

Beverhoutsveld niet te koop (gemeenteraad december 2017)

PERSBERICHT SP.A -GROEN naar aanleiding van de bespreking het budget 2018 tijdens de gemeenteraad van december 2017

Beverhoutsveld niet te koop!  

De CD&V-N-VA-meerderheid zit diep in de schulden en zoekt wanhopig naar geld. Na de verkoop van sociale woningen, de pastoriewoningen van Oedelem en van Sint-Joris en de geplande verkoop van de gemeentelijke loods De Boeie in Beernem, staat nu ook de verkoop van een deel van Beverhoutsveld op de to-dolijst. In 2018 wil het gemeentebestuur dit uniek historisch landschap, waar ooit de Slag van het Beverhoutsveld plaatsvond, verpatsen voor een geraamd bedrag van 500.000 euro. Sp.a en Groen zijn tegen de verkoop van dit landschappelijk erfgoed. Sowieso zijn we tegen elke verkoop van gemeentelijk patrimonium. Want dit zorgt voor eenmalige inkomsten om de financiële put te dempen, maar biedt geen oplossing op lange termijn.  Zolang de gemeente veel geld blijft uitgeven en onvoldoende reserve opbouwt, is zo’n verkoop als water gieten in een lekke emmer. We willen een gezond financieel beleid dat verstandig omspringt met het belastinggeld van de burger.

Verliezen de Beernemnaars straks een deel van hun erfgoed?  Als het van deze meerderheid afhangt, wel. Die wil in 2018 een deel van het Beverhoutsveld verkopen, een uniek  historisch landschap  van weiden en velden van in totaal 456 hectare groot dat zich uitstrekt over Beernem (354ha) en Oostkamp (102 ha).  Het veld heeft ook zijn plaats in de geschiedenisboeken, want op 3 mei 1382 vond hier de Slag van het Beverhoutsveld plaats. De verkoop moet de gemeentekas met 500.000 euro spijzen en zo mee het budget in evenwicht houden, na de forse uitgaven van de voorbije jaren.

We vinden het ronduit schandalig dat de gemeente een deel van dit historisch landschappelijk erfgoed van de hand wil doen. Want het Beverhoutsveld is met zijn typisch drevenpatroon een uniek landschap. Onroerend Erfgoed beschouwt dit gebied als een ankerplaats, samen met de Assebroekse Meersen.

Tot in de 19e eeuw was het een “gemene weide”. De omwonenden waren eigenaar van het veld en lieten er hun vee grazen. Pas in de tweede helft van de 19de eeuw werd het gebied in cultuur gebracht. Toen ontstond het typische drevenlandschap, dat nu nog steeds bewaard is gebleven. In het begin van de 20ste eeuw werd het  eigendom van de gemeenten Beernem en Oostkamp. En dat is het tot op vandaag gebleven. Door het ontbreken van boerderijen en woningen is het veld bovendien een uitgesproken stiltegebied.

Een verkoop kan dit alles op de helling zetten. En dat willen we niet. We willen dat dit eigendom van de gemeente blijft. De gemeente haalt trouwens heel wat inkomsten uit de verpachting van de weiden en akkers.  Op termijn willen wij dat de pachters er op een milieuvriendelijke manier aan landbouw doen, zodat de biodiversiteit in het veld opnieuw toeneemt. We zullen ons dan ook met alle mogelijke middelen verzetten tegen de verkoop.

Artikel_verkoop_Beverhoutsveld

Tussenkomst bij de algemene vergadering in buitengewone zitting van IMEWO (gemeenteraad oktober 2017)

Ik bracht deze tussenkomst in de gemeenteraad van oktober 2017 naar aanleiding van de algemene vergadering in buitengewone zitting van IMEWO

Beste collega’s

Wij staan momenteel op het punt om een redelijk ingrijpende herstructurering te stemmen. Het gaat over de splitsing van de financieringsvereniging FINEWO, waarbij de participaties in Publigas en Publi-T worden overgedragen naar IMEWO, terwijl de groene stroomparticipaties worden ingebracht in een nieuw opgerichte cvba Zefier.

Het gaat om de derde ingrijpende verandering bij de intercommunales die wij als gemeentebestuur deze legislatuur moeten stemmen. De eerste was de overname van de aandelen van Electrabel in Eandis door de steden en gemeenten, waarvoor we als gemeente in 2014 2,3 miljoen euro hebben neergelegd. Het tweede was het voorstel om State Grid Cooperation China te laten coöpereren in een poging om extra kapitaal op te halen. Dat laatste is mislukt nadat ongeveer half Vlaanderen in opstand is gekomen hiertegen.

Nu komt dus de derde. Als je dat van bovenaf te bekijken, dan kan je wellicht voordelen vinden in deze nieuwe fusiebeweging. De meeste van de partijen die hier rond de tafel zitten zijn dan ook op Vlaams niveau voor de oprichting van 1 Vlaamse gemeentelijke energieholding, niet alleen omdat de structuur eenduidiger wordt en omdat het aantal mandaten beperkt wordt, maar vooral en omdat dat de participaties van alle gemeenten inzake hernieuwbare energie samenbrengen schaalvoordelen kan opleveren die we nodig hebben om de 2020-doelstellingen te halen. Maar: wij zitten hier uiteraard ook als vertegenwoordigers van de gemeente Beernem, en dus ook belangen en de rol van onze gemeente moeten voor ons duidelijk zijn.

Ten gronde moet ik vaststellen dat mijn fundamentele opmerkingen die ik gemaakt had tijdens de gemeenteraad van mei, dat die nog steeds geldig zijn. In de gemeenteraad van mei heb ik er namelijk op gewezen dat deze ontwikkelingen die nu op ons bord liggen, in aantocht waren, en heb ik een fundamentele vraag gesteld, namelijk dat wij als gemeente toch wel eens hoogdringend moeten beginnen nadenken over de inhoud van het gemeentelijk energiebeleid en over de rol die de gemeente wil spelen in die intercommunales, in het bredere kader dat ook door Vlaanderen wordt bepaald.

Wat betreft de inhoud van het gemeentelijk energiebeleid wijs ik erop dat we het burdgemeestersconvenant hebben ondertekend om de ontwikkeling van onder andere hernieuwbare energie te ondersteunen. Daaraan gekoppeld wijs ik er op dat de intercommunales zijn één van de belangrijkste instrumenten van de lokale besturen om projecten inzake hernieuwbare energie op te zetten. En dan zijn de cruciale vragen: hoe gaan we dat burgemeestersconvenant op vlak van hernieuwbare energie concreet invullen en welke rol willen we daarbij in de toekomst spelen in zowel IMEWO als Zefier (we hebben 0,08% in handen van Zefier).

Ten andere zijn er ook heel wat kritieken te formuleren op de manier waarop Zefier wordt opgericht (er kunnen vragen rijzen of er wel onvoldoende rechtsgrond is, wat is de exacte meerwaarde, enz.). Maar misschien nog een crucialere vraag: we zullen ons in toekomst ook moeten uitspreken over de mogelijkheden die de Vlaamse gemeentelijke energieholding zal krijgen om extra kapitaal op te halen om te gaan investeren in hernieuwbare energie. Er werd beslist dat Zefier een cvba is, wat wil zeggen dat er ook een mogelijkheid is tot het ophalen van privaat kapitaal, en dus ook buitenlands privaat kapitaal. Ik wijs erop dat we ook binnen Vlaanderen nog steeds geen kader hebben voor de screening van de buitenlandse investeringen die gebeuren in onze strategische sectoren, o.a. voor energie.

Enfin: collega’s: bij ons zijn er vragen, heel veel vragen. Wat is nu de concrete visie van de gemeente op energie, wordt er ook strategisch over gedacht, welke inhoudelijke projecten willen we realiseren, en wat is de rol die we willen en in de toekomst kunnen spelen binnen IMEWO en Zefier, zoals bijvoorbeeld willen we vanuit energieoverwegingen bijkomend investeren in projecten of niet, gaan we instemmen als er voorgesteld om privaat kapitaal op te halen met Zefier? En dan vergeet ik nog het belangrijkste: hebben wij nu binnen Beernem een politiek debat gehad over dat alles? Nee, helaas nog steeds niet. We hebben een interessante commissievergadering achter de rug waarbij we info kregen over windmolens, maar voor mij is de globale visie van deze meerderheid op energie nog steeds koffiedik kijken.
Het feit dat we dit punt zouden moeten goedkeuren zonder dat we de visie en de langetermijnstrategie kennen van de huidige meerderheid, dat ligt voor ons moeilijk. We willen echter een opening laten. De buitengewone algemene vergadering vindt plaats in december 2017. Daarom vragen we om het agendapunt te verdagen naar een latere zitting zodat we de gevolgen van deze verandering uitgebreid kunnen discussiëren, in een aparte commissievergadering.

Parkeerplaatsen voor mensen met een beperking in de omgeving van het gemeenteplein (gemeenteraad oktober 2017)

Vraag gesteld in de gemeenteraad van oktober 2017

Is het mogelijk om ook nog een parkeerplaats voor mensen met een beperking te voorzien bij de parkeerplaatsen in de C. Marichalstraat ter hoogte van de Recordbank? Nu zijn er 2 dergelijke plaatsen ter hoogte van het zwembad, maar dat is vaak nog te ver wandelen voor mensen die moeilijk te been zijn (zie foto van de plaatsen bij het zwembad).

Hoever staat het met de heraanleg van de parkeerplaats voor mensen met een beperking op het gemeenteplein zelf? Ik verwijs naar de vraag die Roos en ik gesteld hebben in de gemeenteraad van oktober 2016, bijna exact een jaar geleden dus, rond de toegankelijkheid van het gemeentehuis naar aanleiding van een rapport dat daarover verscheen in het Nieuwsblad. Schepen Gijs Degrande antwoordde toen dat de heraanleg van het gemeenteplein een project zou zijn voor een volgend meerjarenplan, maar stelde ook: ‘Wat wel reeds concreet kan worden aangepakt is de verplaatsing van de parkeerstrook voor personen met een beperking. Deze kan beter en groter voorzien worden aan het begin van de bestaande helling’. Na een jaar is van de heraanleg echter nog niet veel te merken (zie foto).

Schepen Jos Sypré antwoordt dat de regel is dat bij openbare parkings minimaal 6% van de parkeerplaatsen voorbehouden moet worden voor personen met een handicap. Op de parkeerzone achter de bib, het OC en het zwembad zijn plaatsen voorzien. In de Marichalstraat zelf zijn er ook parkeerplaatsen en op het gemeenteplein is er een parkeerplaats voor kaarthouders van personen met een handicap.
Als we die parkeerplaats van het gemeenteplein verplaatsen naar het begin van de bestaande helling zal die enerzijds meer comfort bieden en anderzijds ook dichter aansluiten bij de Marichalstraat.
De fietsenrekken die aan de rand van het plein staan kunnen misschien een meer zichtbare plaats krijgen dichtbij de trappen van het gemeentehuis.
In overleg met de Raad voor personen met een handicap ben ik bereid om alle beschikbare parkeerplaatsen voor personen met een handicap te evalueren en bij te sturen waar nodig.
Schepen Gijs Degrande voegt eraan toe dat het klopt dat de uitvoering van de aanpak van het gemeenteplein nog niet gebeurd is. We proberen het zo snel mogelijk in orde te brengen. Door de hoge werkdruk binnen de technische dienst is het er nog niet van gekomen. Hierop een termijn kleven is niet mogelijk, maar dit wil niet zeggen dat het niet onze bezorgdheid is. Wil er dan ook geen verkeerde conclusies uit trekken.

Tussenkomst bij de begroting van politiezone ‘Het Houtsche’ (gemeenteraad september 2017)

Op de gemeenteraad van september 2017 stond de goedkeuring van de jaarlijkse dotatie aan politiezone ‘Het Houtsche’ op de agenda.  Lees hieronder mijn tussenkomst.

We stellen vanuit de oppositie iets anders voor, namelijk het behoud van de werkingstoelage en de investeringstoelage voor 2017, en ook het behoud van de investeringstoelage voor 2018. Ik verklaar ons nader.
De oorspronkelijke werkingstoelage van de gemeente Beernem die was voorzien in de meerjarenplanning voor het jaar 2017 voor de politiezone was €1.355.75. Die wordt dus nu verlaagd naar €1.206.848 omdat er een ‘overschot’ is op de begroting van de politiezone, voornamelijk als gevolg van de afwikkeling van de gerechtelijke procedure. Het politiecollege heeft dan gezegd: oké dat geld kan terugvloeien naar de gemeenten. Maar tijdens de gemeenteraad van 22 mei 2017 antwoordde de korpschef op een vraag van Marc dat het niet zo evident is om met de huidige middelen rond te komen, zeker niet omdat er veel personeel ter beschikking moet gesteld worden van Brussel, bovendien stijgen de personeelskosten, dat staat in de presentatie.

Waarom geven we dan als gemeentebestuur niet het signaal: de werkingstoelage moet niet verlaagd worden, maar kan gebruikt worden om die personeelskosten te betalen. Bovendien moeten we in 2018 ook het reservefonds aanspreken om de begroting in evenwicht te brengen, terwijl we dat reservefonds misschien in de toekomst nog nodig gaan hebben om verdere grotere investeringen te doen. Ik merk ook op dat dat reservefonds ondertussen zienderogen slinkt, in 2018 moeten we al 568.000 euro overpompen uit dat reservefonds om de begroting in evenwicht te houden.

De investeringstoelage voor 2017 daalt met 68 777 euro en nog eens met 68 777 euro in 2018. Dat blijkt – op 20 000 euro na – bijna exact het bedrag te zijn dat we nodig hebben voor de aankoop van de extra 4 ANPR-camera’s. Ik stel daarom voor om het investeringsbudget te laten staan en te gebruiken voor de aankoop van de 4 extra camera’s die politiezone het Houtsche gevraagd heeft. Het feit dat de gemeente Zedelgem zich hiertegen verzet (aankoop van camera’s door de politiezone) is in principe geen issue, want het geld van de investeringstoelage zou toch terugkomen naar de gemeente Beernem. Dus wie ze dan nog aankoopt, is toch gewoon een kwestie van de aankoper, en geen kwestie van budget van de politiezone meer. De beheerskosten en de onderhoudskosten worden toch al gedragen door het budget van de politiezone.

Tussenkomst bij de wijziging van het budget 2017 (gemeenteraad juli 2017)

Mijn tussenkomst bij budgetwijziging 2017-01 tijdens de gemeenteraad van juli 2017

Om al haar investeringen te financieren, beslist de CD&V en N-VA meerderheid hier even op de gemeenteraad om te besparen op sociaal beleid – het OCMW levert 500.000 euro in. Verderop in de gemeenteraad werd het jaarverslag OCMW 2016 voorgelegd: het aantal mensen met een leefloon is vorig jaar gestegen met 12%, het aantal mensen dat extra financiële steun aangevraagd heeft is de afgelopen 10 jaar verdubbeld, het aantal mensen doorverwezen naar voedselhulp is gestegen met 23% en het aantal mensen in schuldbemiddeling stijgt.

Aangezien de put dan nog niet gedempt was, werd vervolgens beslist om een deel van het Beverhoutsveld te verkopen. Eerst uitpakken met het feit dat we een erfgoedgemeente zijn, maar als het erop aankomt is unieke landschappelijk erfgoed dan blijkbaar toch niet zoveel waard. Ook de politie levert 100.000 euro in.

De uitgaven voor voetbalaccommodatie Drogenbrood lopen op tot bijna 1,75 miljoen euro (1,45 miljoen meer dan voorzien in 2014). Het budget voor 2017 moet verhoogd worden met 690.000 euro. Ook voor andere uitgaven, zoals onder andere de aanleg van de parking in Oedelem, is meer geld nodig. Daarom moet er ergens anders bespaard worden.

Dat is toch geen probleem, zegt de CD&V en N-VA meerderheid: laten we eerst en vooral besparen op de kap van de allerarmsten in deze gemeente, en met 1 pennentrek werd de werkingstoelage voor het OCMW voor de komende twee jaar verlaagd met 500.000 euro, nadat het OCMW deze legislatuur al een besparing werd opgelegd van 650.000 euro. Verderop in de gemeenteraad werd het jaarverslag OCMW 2016 voorgelegd: het aantal mensen met een leefloon is vorig jaar gestegen met 12%, het aantal mensen dat extra financiële steun aangevraagd heeft is de afgelopen 10 jaar verdubbeld, het aantal mensen doorverwezen naar voedselhulp is gestegen met 23% en het aantal mensen in schuldbemiddeling stijgt. Het aantal mensen in kansarmoede is gestegen naar 5%, het allerhoogste cijfer ooit gemeten in Beernem, volgens de recente cijfers van Kind en Gezin.

Om alle uitgaven te kunnen realiseren gaan we verder ook nog wat besparen op de politie (investeringstoelage geschrapt en werkingstoelage verminderd) terwijl de politiezone zelf aangeeft dat ze toch meer personeel kunnen gebruiken aangezien ze veel moeten afstaan voor Brussel. Ook de ANPR-camera’s die de politiezone gevraagd heeft worden niet allemaal aangekocht want de maximum 50.000 euro die daarvoor nog extra nodig was, was blijkbaar te veel geld. Veiligheid blijkt dan toch ook weer niet zo belangrijk te zijn voor deze meerderheid.

Tot slot gaan we nog een deel van het mooie Beverhoutsveld verkopen, ons landschappelijk erfgoed. Eerst uitpakken met het feit dat we een erfgoedgemeente zijn, maar als het er op aankomt is ons landschappelijk erfgoed dan blijkbaar toch niet zoveel waard.

Artikel_meerjarenplan_september2017

Tussenkomst naar aanleiding van het jaarverslag en de jaarrekening van het OCMW 2016 (gemeenteraad juli 2017)

Lees hier mijn tussenkomst naar aanleiding van het jaarverslag en de jaarrekening van het OCMW 2016 in de gemeenteraad van juli 2017

De armoede in onze samenleving stijgt nog steeds, en dus ook in Beernem. Het aantal mensen met een leefloon is gestegen van 67 naar 76, een stijging met 12%, waarvan 36 mensen jonger dan 30 jaar. Het aantal mensen dat financiële steun heeft aangevraagd is de afgelopen 10 jaar verdubbeld, en bleef ook het afgelopen jaar erg hoog (491 dossiers). Dit betreft enkel de dossiers die effectief aan de OCWM-Raad werden voorgelegd, want de éénmalige contacten werden nog niet geregistreerd. Sinds 2012 worden ook steeds meer mensen doorverwezen naar alternatieve hulp, zoals voedselpakketten. In 2015 werden 121 mensen doorverwezen naar vzw de Notenkraker voor voedselhulp, in 2016 gaat het al om 157 mensen, ook een stijging met maar liefst 23%. Het aantal mensen in schuldbemiddeling stijgt opnieuw (150) nadat dit cijfer nochtans drie jaar geleden gedaald was. Kortom: het aantal mensen dat het moeilijk heeft om rond te komen stijgt nog steeds, en de cijfers die ik aanhaal, zijn die uit het verslag, en dat zijn dus de mensen die hulp krijgen van het OCMW, maar zoals iedereen weet, is er ook heel wat ‘verborgen’ armoede die niet geregistreerd wordt.

Laat me dan ook toe om aan te geven dat ik eigenlijk niets begrijp van de politieke keuzes die rond ons sociaal beleid gemaakt worden, en ik zal even de belangrijkste opsommen:

  • De gemeentelijke bijdrage aan het OCMW wordt gelimiteerd zodat deze legislatuur een besparing wordt gerealiseerd van om en bij de 650 000 euro. Daarnet werd bijkomend 500.000 euro van het budget geschrapt, terwijl de noden alleen maar groter worden.
  • De integratie van het OCMW en de gemeente moet besparingen opleveren: het Sociaal Huis moet verhuizen van Sint-Joris naar Beernem. Zoals ik al een paar keer heb aangehaald: het Sociaal Huis in Sint-Joris werd nog maar in 2006 gerenoveerd ten behoeve van het OCMW voor een bedrag ter waarde van 850 000 euro. Het gebouw waar het SJOK is ondergebracht werd in de vorige legislatuur verbouwd voor een bedrag van 210 000 euro ten behoeve van het SJOK. De omvorming van het SJOK tot het Sociaal Huis zal ongeveer 350.000 euro kosten. De ombouw van het Sociaal Huis bedraagt dus ongeveer 160.000 euro (budget 2016: 125.000 euro – budget 2017: 160.000). In de vorige legislatuur werd dus al 1,06 miljoen euro voorzien om het Sociaal Huis en het SJOK te verbouwen, en nu smijten we daar nog eens 510 000 euro tegenaan om diezelfde gebouwen opnieuw aan te passen. Dat terwijl er mij nog steeds niemand heeft kunnen uitleggen hoe dat die verbouwingen nu ten goede gaan komen aan de mensen die het echt nodig hebben.
  • De huizen in de Knesselarestraat moesten verkocht worden. Niemand die begrijpt waarom, als ik het me goed herinner, was dat ook om te besparen. Wat blijkt uit de jaarrekening van 2016: de verkoop van die huizen heeft ons geld gekost in plaats van ons geld op te brengen. Want de terugbetaling van de lening aan de WVI heeft ons 590 000 euro gekost en de opbrengst bedroeg 545 000 euro. Een ‘verlies’ van 45 000 euro dus, en dus een compleet nutteloze operatie.

Conclusie: we hebben dus 1) ons patrimonium ontvreemd en 2) ons patrimonium verbouwd en dat heeft ons afschuwelijk veel geld gekost terwijl dat ons compleet ontgaat hoe dat nu ten goede gaat komen aan de mensen die het echt nodig hebben, en 3) op het budget zelf wordt er flink bespaard, terwijl de armoede significant stijgt.

Vraag in verband met de brandweer (gemeenteraad juli 2017)

In de gemeenteraadszitting van 25 februari 2016 vroeg ik naar de interventietijden van de hulpverleningszones waar Beernem en de omliggende gemeenten toe behoren. Het doel was om na te gaan of er nog steeds ‘zwarte gaten’ zijn in Beernem, plaatsen waar de brandweer meer dan de vooropgestelde tijd van 12 à 15 minuten nodig heeft om ter plaatse te komen in geval van brand, zoals dat in 2007 het geval was. De brandweerhervorming uit 2014 zou dit probleem oplossen door de werking van de brandweer te baseren op het principe van de ‘snelst adequate hulp’ d.w.z. de brandweerpost die het dichtstbij ligt moet ter hulp komen, onafhankelijk van de grens van de gemeente of de hulpverleningszone.

De burgemeester antwoordde toen dat de zonale risicoanalyse nog niet was afgerond, waardoor de minimale interventietijden nog niet werden vastgelegd. Er waren ook nog geen samenwerkingsovereenkomsten met de andere zones. Het principe van de ‘snelst adequate hulp’ wordt nu wel al toegepast, in Beernem waren er in 2015 dan ook 5 tussenkomsten van een brandweerpost buiten hulpverleningszone 1, waartoe Beernem behoort. In het jaarplan 2017 ‘risicobeheersing’ van de brandweer wordt vermeld dat de zonale risicoanalyse in 2016 werd opgestart, en in 2017 zouden er dan beleidsbeslissingen genomen worden

Vandaar de volgende vragen:

  • Zijn de zonale risicoanalyses voor onze zone, en die voor de andere brandweerzones ondertussen al afgerond? Wat zijn de belangrijkste conclusies?
  • Wat zijn de interventietijden per type van interventie (bestrijding van brand en ontploffing, bestrijding van vervuiling en vrijkomen van gevaarlijke stoffen en redding van personen) voor wat betreft de hulpverleningszone waartoe Beernem behoort, Zone 1?
  • Wat zijn de interventietijden per type interventie van de hulpverleningszones die grenzen aan onze gemeente, zijnde de hulpverleningszones Midwest en Meetjesland? Werden die al vastgelegd?
  • Heeft de hulpverleningszone ‘Zone 1’ al samenwerkingsovereenkomsten gesloten met de aan onze gemeente grenzende hulpverleningszones Midwest en Meetjesland?
  • Is er in het kader van de nieuwe hulpverleningszones en de samenwerking tussen die zones nagegaan of er nog zogenaamde ‘zwarte gaten’ zijn in Beernem: plaatsen waar de inwoners meer dan 15 minuten zullen moeten wachten op hulp? De zonale risicoanalyse zou immers ook een antwoord geven op de vraag hoeveel brandweerposten er nodig zijn, en waar de optimale inplanting gelegen is.
  • Voldoen alle huidige brandweerposten aan de vereisten qua materiaal en personeel?
  • Hoeveel tussenkomsten van hulpverleningszone 1 en de omliggende zones waren er in 2016 in Beernem?

De burgemeester antwoordt dat de risicoanalyse op vandaag nog niet geheel is afgerond, dit zal pas gerealiseerd worden eind 2017. Vanuit deze analyse zal moeten blijken of er kazernes of voorposten moeten verschoven worden. Eventueel moeten nieuwe voorposten worden geïntegreerd, waarvoor misschien ook Beernem (Oedelem) in aanmerking zou kunnen komen.
In principe is het zo dat de minimuminterventietijden van 15 min. in Beernem gehaald worden; dit evenwel niet noodzakelijk door het eigen korps, ook andere aangrenzende zones kunnen hiervoor instaan en zekerheid bieden. Indien in de toekomst verschoven wordt met (voor)posten, kan de interventietijd nog dalen. Indien aangrenzende zones sneller ter plaatse kunnen zijn, worden deze
steeds opgeroepen (in dit geval worden dus 2 zones gealarmeerd en worden voertuigen van beide zones uitgezonden). Bij dit alles dient natuurlijk rekening te worden gehouden met onvoorziene verkeersomstandigheden die soms hinderend kunnen werken, maar dit is natuurlijk te beschouwen als overmacht.
Wat betreft het beschikbare materieel én de mankracht, wordt bevestigd dat dit binnen de zone in voldoende mate en getalsterkte aanwezig is. Alleen is het wel zo dat niet elke kazerne al het materieel zelf ter beschikking heeft, er is dus soms een noodzakelijke aanvulling nodig vanuit andere posten.
Ten slotte dient de opmaak van een nieuw meerjarenplan uit te wijzen waar precies het meest nuttig en efficiënt dient geïnvesteerd te worden.

Aankoop ANPR-camera’s voor politiezone ‘Het Houtsche’ (gemeenteraad juli 2017)

Vraag gesteld in de gemeenteraad van juli 2017

In het verslag van het schepencollege van 22 mei 2017 viel te lezen dat er beslist werd om 2 nieuwe ANPR-camera’s aan te kopen voor politiezone ‘Het Houtsche’. Deze camera’s kunnen niet enkel gebruikt worden voor de veiligheid, maar ook voor verkeersveiligheid, bijvoorbeeld om het doorgaand zwaar vervoer te gaan controleren. Het politiecollege had 5 plaatsen voor camera’s naar voor geschoven in volgorde van prioriteit, waarvan er 4 op het grondgebied van Beernem lagen, namelijk in de Sint-Jorisstraat op de grens tussen Knesselare en Sint-Joris, op de N337 ook op de grens tussen Knesselare en Sint-Joris, in de Sijselestraat op de grens tussen Oedelem en Sijsele en in de Hoogstraat op de grens tussen Oedelem en Maldegem. De camera’s zouden € 25.000 per stuk kosten, maar de financiële bijdrage die de gemeente zou leveren is onduidelijk, ook al omdat de politiezone dan nog verder zou onderhandelen met de naburige gemeenten. Er werd uiteindelijk beslist om de camera in de Sijselestraat en in de Sint-Jorisstraat aan te kopen; voor de eerste camera werd de voorwaarde gesteld dat Damme mee zou betalen, voor de tweede camera werd niet expliciet aangegeven dat Knesselare zou moeten meebetalen.

Vragen:

  •  Hoeveel zal de aankoop van beide camera’s kosten?
  • Waarom werd niet gevraagd aan politiezone Het Houtsche om te onderhandelen met Knesselare over een deling van de kosten?
  • Waarom werden de andere twee camera’s niet aangekocht?

De burgemeester antwoordt dat de aangehaalde beslissing van het college werd genomen in vol overleg met de politiezone. Vanuit de politiezone werden inderdaad vier mogelijke opties voorgesteld in Beernem. Het gaat om zeer dure aankopen (€ 39.000 voor één camera), waardoor die dus om budgettaire redenen beter gespreid over meerdere jaren worden aangeschaft.
De keuze om een camera te plaatsen in Sint-Joris – net over de brug richting Knesselare – is beïnvloed door een mogelijk te verwerven subsidie van 50% van het Agentschap Ondernemen. Uiteraard is hierbij de voorwaarde dat deze camera dichtbij het industrieterrein wordt geplaatst. Indien hiervoor toch geen subsidie kan verkregen worden, zal worden onderhandeld met de gemeente Knesselare.
Als een camera zou worden geplaatst op de grens met Sijsele, zal een tussenkomst worden gevraagd aan de stad Damme. Voorlopig is er evenwel geen verdere budgettaire ruimte.
De gemeente Zedelgem heeft ondertussen zelf reeds geïnvesteerd in aankoop van camera’s, vandaar hun verzet om de politiezone zelf de aankopen te laten doen en hierin te investeren. Wel te vermelden is dat de beheerskosten en de onderhoudskosten steeds door het budget van de politiezone worden gedragen.

Tussenkomst bij de algemene vergaderingen van intercommunales FINIWO en IMEWO (gemeenteraad mei 2017)

Tussenkomst naar aanleiding van het bepalen van het standpunt van de gemeente Beernem bij de agendapunten van de algemene vergaderingen van de intercommunales FINIWO en IMEWO in de gemeenteraad van mei 2017

Beste collega’s

Wij zullen uiteraard ons standpunt nogmaals herhalen als het gaat om de intercommunales. Wij krijgen hier de documenten van de algemene vergadering voor ons neus, we krijgen daar ook helemaal geen toelichting over op de gemeenteraad, zoals dat nochtans wel gebeurt bij de andere punten. Misschien kan onze vertegenwoordiger in de algemene vergadering eens toelichten waarover het gaat, de belangrijke punten duiden uit de verslagen van de raden van bestuur en de jaarrekening, en het belang voor Beernem, en waarom onze vertegenwoordiger zal voorstemmen.

Specifiek voor FINIWO en IMEWO denk ik dat het interessant zou zijn op de gemeenteraad om eens een debat te hebben over het energiebeleid dat onze gemeente voert. En dan heb ik het op twee punten, namelijk de inhoud van het gemeentelijke energiebeleid, en de rol die de gemeente wil spelen in het bredere kader dat ook door Vlaanderen wordt bepaald. Wat betreft de inhoud van het energiebeleid wil ik 1 punt even aanhalen. FINIWO houdt zich ook bezig met projecten inzake hernieuwbare energie, en dan voornamelijk het financieren van windmolenparken en ook een zonnepark. En ook Beernem heeft ook 561 aandelen gekocht in het project PORTFINECO, de windturbines in het zeehavengebied van Zeebrugge, en dat heeft vorig jaar geleid tot een klein verlies van een kleine 18 euro (dat was maar het eerste operationele jaar). Concreet: we financieren dus mee windturbines ergens anders in West-Vlaanderen, tegelijkertijd worden we geconfronteerd met aanvragen voor de bouw van windturbines op ons eigen grondgebied, waarbij er dan vragen komen naar de mogelijkheid tot participatie van de inwoners bijvoorbeeld. En wat met de rol die de gemeente wil spelen, mocht er ooit toch een windmolenproject kunnen komen op ons eigen grondgebied, willen we daar dan zelf ook in participeren als gemeente, desnoods via FINIWO.

Dus de vraag is: wordt er nu eigenlijk strategisch over nagedacht binnen de gemeente? En wat gaan we doen als er dan weer mogelijkheden komen om aandelen te kopen binnen een ander windmolenproject?

Het tweede punt dat ik wil maken was over de rol die de gemeente wil en kan spelen in het bredere kader van de intercommunales dat ook door Vlaanderen bepaald wordt. U weet vast en zeker wel dat er binnen Vlaanderen momenteel een groot debat gevoerd wordt over de intercommunales en over o.a. de toekomst van het netbeheer in Vlaanderen. De Vlaamse Regering werkt o.a. aan een nieuwe ontwerpdecreet ‘lokaal bestuur’ en van een nieuw ontwerpdecreet ‘energie-intercommunales’.

De bedoeling is wel degelijk om Infrax en Eandis volledig te laten integreren tot één Vlaamse Nutswerkmaatschappij, Fluvius, die zich dan bezig houdt met zowel elektriciteit, aardgas als met riolering en kabel. Op een gegeven moment was er dan een discussie over het feit dat Fluvius naar de beurs zou moeten kunnen gaan. Er is een discussie aan de gang over de taken die de distributienetbeheerders (IMEWO) moeten uitvoeren, en welke taken ze zouden moeten overlaten aan private spelers. De Vlaamse Regering heeft ook nog in zijn visienota aangegeven dat de  financieringsintercommunales (o.a. FINIWO) zouden moeten opgaan in één Vlaamse holding, de Vlaamse gemeentelijke hernieuwbare energieholding, en die gemeentelijke hernieuwbare energieholding zou naar de beurs moeten kunnen gaan, er is ook sprake van private investeerders,  burgerparticipatie en zelfs participatie van de Vlaamse overheid als mogelijkheden.

Dat zijn toch wel serieuze beslissingen, waarbij de vraag rijst naar de rol die de gemeentes die momenteel aandeelhouders zijn, zal kunnen blijven spelen in de toekomst, de rol die ze zou moeten spelen, en de belangen die we momenteel hebben (hoe je het ook draait of keert, we krijgen wel opbrengsten uit die intercommunales die van belang zijn voor het gemeentebudget). Dus we hebben belangen te verdedigen in de relatie naar de Vlaamse overheid toe die de regelgeving zal wijzigen, maar we zullen ons in de toekomst misschien ook moeten uitspreken over de taken die de distributienetbeheerder zal kunnen uitvoeren, of over de mogelijkheden die die de Vlaamse gemeentelijke hernieuwbare energieholding zal krijgen om extra kapitaal op te halen om te gaan investeren in hernieuwbare energie. We hebben hier de vorige gemeenteraad ook al gehad over burgerparticipatie (het was dan in het kader van de bouw van windmolens) maar ik heb begrepen dat de meerderheid daar toch wel voorstander was.

Ook hier is de vraag: wat is de positie van onze gemeente daarin en wat is onze visie daarop? We hebben voor Beernem een vertegenwoordiger in het regionaal comité West van Eandis, en we vaardigen iemand af naar de algemene vergadering, dus ik hoop dat we daar toch ook over onze stem laten horen.